Na een ongeval, tijdens het goederentransport onder dekking van een Carnet TIR, dient onmiddellijk contact opgenomen te worden met een bevoegde autoriteit (veelal de douane). Deze moet worden verzocht het gele 'Proces-verbaal' achter in het Carnet TIR in te vullen en daarop de aard van het ongeval en de eventueel vernietigde goederen te vermelden. Bij aantoonbare vernietiging van goederen zijn daarover geen douanerechten verschuldigd. Ingeval van beschadiging van een voertuig dat verder transport onmogelijk maakt, zal de douane het Carnet TIR beëindigen. De Carnet TIR houder vult een nieuw carnet TIR in en maakt een kruisverwijzing naar het oude Carnet TIR. De goederen kunnen dan in een ander voertuig overgeladen worden. De bevoegde autoriteit maakt een aantekening op het 'Proces-verbaal' van het oude Carnet TIR. De gegevens van het defecte voertuig moeten op het gele 'Proces-verbaal' van het nieuwe Carnet TIR worden vermeld. Beide Carnets moeten aan elkaar gehecht worden om de (overige) goederen bij het transport naar hun eindbestemming te begeleiden.